Stort- en verbrandingsverboden

Met het oog op een hoogwaardige verwerking van afvalstoffen worden stort- en verbrandingsverboden gehanteerd.

Er geldt een stort- en verbrandingsverbod voor afvalstoffen die door hun aard, hun hoeveelheid of hun homogeniteit overeenkomstig de beste beschikbare technieken in aanmerking komen voor hergebruik of voor recyclage, alsook voor gemengde afvalstoffen die in aanmerking komen voor uitsortering.

De stort- en verbrandingsverboden gelden zowel voor huishoudelijke afvalstoffen als voor bedrijfsafvalstoffen. Er wordt ook opgemerkt dat de verboden zowel van toepassing zijn op storten en verbranden binnen Vlaanderen als op inzameling en afvoer voor storten en verbranden buiten Vlaanderen.

Verder geldt er ook een stortverbod voor gemengd stedelijk afval, afvalstoffen die werden ingezameld voor nuttige toepassing, brandbare of recycleerbare fracties uit sortering of voorbehandeling en oude en vervallen geneesmiddelen.

Oproep tot het indienen van een afwijkingsaanvraag voor het kalenderjaar 2014 op het verbrandingsverbod voor de energetische valorisatie van dierlijke vetten categorie 3 en gebruikte frituurvetten en -oliën (GFVO).

Verleende afwijkingen op de stortverboden voor 2014

Bij ministerieel besluit van 20 december 2013 wordt een afwijking aan de cv IMOG verleend voor de periode van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 op artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats IMOG gelegen te Moen/Zwevegem:

  • 15.000 ton brandbare bedrijfsafvalstoffen waar de overeenkomstig artikel 4.3.2 van het VLAREMA bepaalde afvalstoffen uit verwijderd zijn;
  • 2.500 ton recyclageresidu's van textiel;
  • in geval van sluiting van de Vlaamse verbrandingsovens en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM : de afvalstoffen die normaal in deze installatie verwerkt worden.

Bij ministerieel besluit van 20 december 2013 wordt een afwijking aan de Intercommunale Vereniging Hooge Maey verleend voor de periode van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 op artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats Hooge Maey gelegen te Antwerpen:

  • 55.000 ton brandbare bedrijfsafvalstoffen waar de overeenkomstig artikel 4.3.2 van het VLAREMA bepaalde afvalstoffen uit verwijderd zijn;
  • in geval van sluiting van de Vlaamse verbrandingsovens en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM : de afvalstoffen die normaal in deze installaties verwerkt worden.

Bij ministerieel besluit van 20 december 2013 wordt een afwijking aan de NV Vanheede Landfill Solutions verleend voor de periode van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 op artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van de volgende afvalstoffen op de categorie 2-stortplaats Vanheede Landfill Solutions gelegen te Rumbeke/Roeselare:

  • 35.000 ton brandbare bedrijfsafvalstoffen waar de overeenkomstig artikel 4.3.2 van het VLAREMA bepaalde afvalstoffen uit verwijderd zijn;
  • in geval van sluiting van de Vlaamse verbrandingsovens en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM : de afvalstoffen die normaal in deze installaties verwerkt worden.

Verleende afwijkingen op de verbrandingsverboden voor 2014

Bij ministerieel besluit van 6 januari 2014 wordt een afwijking van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 verleend aan Rendac NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 3.293 ton categorie 3 dierlijke vetten in de installatie gelegen Fabriekstraat 2, te 9470 Denderleeuw.

Bij ministerieel besluit van 6 januari 2014 wordt een afwijking van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 verleend aan Electrawinds Greenpower NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 10.979 ton categorie 3 dierlijke vetten en maximaal 34.675 ton GFVO in de installatie gelegen Solvaylaan 7, te 8400 Oostende.

Bij ministerieel besluit van 6 januari 2014 wordt een afwijking van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 verleend aan Electrawinds Biomassa NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 10.979 ton categorie 3 dierlijke vetten en maximaal 34.700 ton GFVO in de installatie gelegen Kuipweg 44, te 8400 Oostende.

Bij ministerieel besluit van 6 januari 2014 wordt een afwijking van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014 verleend aan Wind Energy Power (WE Power) NV, op artikel 4.5.2 van het VLAREMA voor het verbranden van maximaal 11.344 ton categorie 3 dierlijke vetten en maximaal 35.760 ton gebruikte frituurvetten en -oliën afkomstig van horeca en huishoudens, in de installatie gelegen A. Denysstraat 90-92, in 1651 Beersel.