Gebruiksmogelijkheden

De regeling voor het gebruik van uitgegraven bodem heeft als basisdoelstelling de verspreiding van aangerijkte of verontreinigde bodem te beheersen. Met dat doel in het achterhoofd, is het vanzelfsprekend verboden om partijen aangerijkte of verontreinigde uitgegraven bodem tijdens of na de ontgraving met andere uitgegraven bodem te vermengen en dit met het oogmerk op het verdunnen van de concentraties aan verontreinigende stoffen.

Vertrekkende van de algemene voorwaarden waaraan uitgegraven bodem moet voldoen om als bodem op een andere locatie te worden gebruikt, zijn in de wetgeving ook bijzondere gebruiksbepalingen opgenomen.  Deze bijzondere gebruiksbepalingen gelden voor het gebruik van uitgegraven bodem als bodem binnen een kadastrale werkzone en voor het gebruik binnen een zone voor het gebruik ter plaatse.  

Bij het gebruik van uitgegraven bodem binnen de kadastrale werkzone wordt ernaar gestreefd zoveel als mogelijk uitgegraven bodem terug te gebruiken binnen de werf.  Het grondverzet mag de bestaande bodemtoestand echter niet nadelig beïnvloeden.

De bepalingen voor het gebruik van uitgegraven bodem binnen een zone voor het gebruik te plaatse zijn enkel van toepassing voor leidingwerken, voor het herstel van oevers en dijkprofielen en voor gebruik van teelaarde in een ontginning.

Uitgegraven bodem wordt niet alleen gebruikt als bodem, maar ook als grondstof in bouwwerken of in producten. In dat geval is sprake van bouwkundig bodemgebruik of gebruik van bodem in een vormvast product. Voorbeelden zijn het gebruik van zandige uitgegraven bodem als funderingszand of als grondstof voor de aanmaak van beton. Klei en leem worden dan weer gebruikt voor de aanmaak van bakstenen.

Contacten

OVAM - Infolijn bodem
015 284 458 en 015 284 459
bodem@ovam.be

Ook interessant voor u
Contact

OVAM - Klantenbeheer
015 284 458
bodem@ovam.be