CDNI ontwikkelingen vanaf 1 januari 2018 voor schippers en ladingontvangers / overslaginstallaties / ontvangstinrichtingen

  • 30 november 2017

1. Nieuwe losstandaarden
 

Op 1 januari 2018 worden er nieuwe losstandaarden van kracht. U vindt deze nieuwe standaarden (N/F/E/D) op cdni-iwt.org.

Maak het u echter makkelijk en gebruik de elektronische tool "WaSTo”.

 

 

Deze tool:

  • bevat alle voorschriften die vanaf 1 januari 2018 gelden;
  • maakt het mogelijk afzonderlijke stoffen/goederen te zoeken;
  • toont de wijzigingen waardoor u gemakkelijker relevante wijzigingen opspoort;
  • legt uit wat de redenen voor de wijzigingen zijn;
  • wijst op de risico’s voor de gezondheid en het milieu die samenhangen met de ladingrestanten;
  • maakt het mogelijk uw eigen stoflijst met bijbehorende losstandaard samen te stellen.

Als u vragen of verbetervoorstellen hebt, kunt u het secretariaat van het CDNI contacteren (secretariat@cdni-iwt.org) en zo bijdragen aan een betere tool voor de sector.


2. Integratie van verenigbare transporten in het CDNI


Naast de bestaande voorschriften voor eenheidstransporten zijn nieuwe voorschriften voor verenigbare transporten ingevoerd. De nieuwe regeling is op 1 juli 2017 in werking getreden. De wijziging vereist ook nieuwe versies van de losverklaringen, die tegelijkertijd in werking zijn getreden. De oude versies mogen nog tot en met 30 juni 2018 verder worden gebruikt.

3. Losverklaring zes maanden bewaren

 

Schippers zijn reeds langer verplicht om gedurende 6 maanden de losverklaring aan boord bij te houden.

Ook de ladingontvanger moet vanaf nu een kopie hiervan gedurende ten minste zes maanden na afgifte bewaren. Als de ladingontvanger voor het lossen een overslaginstallatie gebruikt, moet ook daar een kopie bewaard worden.

De verplichting geldt ook voor ontvangstinrichtingen die waswaters, afkomstig van de reiniging van het schip, innemen. De losverklaring wordt dan ook door hen ondertekend.

4. Klachten en vragen

 

U kunt met opmerkingen, klachten en vragen over de naleving van deel B van het CDNI (afval van de lading) terecht bij het nationaal meldpunt van de haven van Antwerpen. België en Nederland hebben een meld- en informatiepunt voor deel B van het Verdrag opgericht:

Ondervindt u problemen ondervindt met het reiniging van de ruimen of met de losverklaring? Meld ze dan meteen bij:

5. Verbod uitstoot gasvormige restanten van vloeibare lading (dampen)

 

Tijdens het ontgassen van zowel de ladingstanks als de laad- en losleidingen komen gassen vrij die schadelijk kunnen zijn voor mens en milieu. Om deze schade te beperken, heeft de Conferentie van Verdragsluitende Partijen van het CDNI op 26 juni 2017 bepaald dat de betrokken partijen schadelijke dampen naar behoren moeten verwijderen of laten verwijderen.

De principes liggen in lijn met wat voorzien is voor vloeibare ladingrestanten of voor het wassen van de ladingtanks.

Het ontgassingsverbod wordt gefaseerd ingevoerd, zodat er voldoende tijd is om de vereiste infrastructuur aan te leggen en passende logistieke oplossingen, zoals eenheidstransporten of verenigbare transporten te ontwikkelen. Het verbod op de meest schadelijke stoffen gaat zes maanden na de ratificatie in. Twee jaar na de ratificatie wordt een verbod op een tweede lijst stoffen van kracht. De derde verbodsfase treedt na drie of vier jaar in werking, afhankelijk van een tussentijdse evaluatie van de uitvoeringsregeling.

U vindt de integrale tekst op cdni-iwt.org. De gewijzigde bepalingen treden in werking nadat alle verdragspartijen deze hebben bekrachtigd.