Bouw- en sloopafval: de helft van ons afval

Bouw- en sloopafval (of B&S-afval) zijn alle afvalstoffen afkomstig zijn van het bouwen, renoveren en slopen van gebouwen en constructies of van de aanleg en opbraak van wegen en verhardingen. Uitgegraven grond die bij werken vrijkomt laat men hier buiten beschouwing. Hiervoor is de regeling voor grondverzet uit het Vlarebo (het Vlaams reglement over bodemsanering) van toepassing.

40 tot 50 % van alle afvalstoffen die in Europa ontstaan komen vrij bij het bouwen en slopen. De bouwsector gebruikt ook ongeveer de helft van alle benodigde grondstoffen in Europa, dit is meer dan welke andere bedrijvigheid ook.
Ook is de bebouwde omgeving (bouwen én wonen) in België verantwoordelijk voor ongeveer 40 % van het totale energieverbruik.

De milieu-impact van bouwen, wonen en slopen is dus heel belangrijk.

Gelukkig is het meeste bouwafval recycleerbaar.
Ongeveer 90 % van het bouw- en sloopafval wordt gerecycleerd. Vandaag (2010) brengt de recyclagesector in Vlaanderen meer dan 11 miljoen ton gerecycleerde en gekeurde gerecycleerde granulaten op de markt, ter vervanging van natuurlijke delfstoffen. Dit is een geweldige besparing op het gebruik van grondstoffen.

Bouw- en sloopafval bestaat hoofdzakelijk uit 2 grote fracties:

  • de steenachtige fractie:
    een inerte fractie: deze fractie kan bestaan uit betonpuin, metselwerkpuin, een mengsel van beiden (mengpuin), keramiek en/of natuursteen. Het Vlarem (Vlaams Reglement betreffende de Milieuvergunning) omschrijft inerte afvalstoffen als afvalstoffen die geen significante fysische, chemische of biologische veranderingen ondergaan. Inerte afvalstoffen lossen niet op, verbranden niet en vertonen geen andere fysische of chemische reacties, worden niet biologisch afgebroken en veroorzaken geen milieuverontreiniging of schade aan de menselijke gezondheid wanneer ze met andere stoffen in contact komen; asfaltpuin. Asfaltpuin is geen inerte afvalstof daar asfalt naast stenen ook enkele procenten al of niet teerhoudend bitumen bevat;
  • de niet-steenachtige fractie (ca. 5 % als gewichtspercentage): dit afval bestaat uit houtafval, kunststoffen, oude metalen, papier en karton, gipsafval, bitumineuze materialen zoals dakbedekkingen, isolatie e.d.

Bouw- en sloopafval dat naast de steenachtige fractie nog andere reststoffen bevat noemt men vaak containerafval of ook nog gemengd bouw- en sloopafval. U moet dit afval uitsorteren om de verschillende afvalstromen te kunnen recycleren.

Antwoorden op een aantal regelmatig gestelde vragen over bouw- en sloopafval vindt u bij de rubriek "FAQ" (Frequently Asked Questions of regelmatig gestelde vragen), rechtsonderaan deze webpagina.

OVAM publicaties die betrekking hebben op bouw- en sloopafval vindt u via de link "publicaties" op deze webpagina.

Omdat het klassieke afvalbeleid stilaan op haar grenzen stuit heeft de OVAM dit beleid uitgebreid tot een veel breder materialenbeleid. Hierbij bekijken we de hele materiaalketen van een grondstof, van ontginning over ontwerp en productieproces naar gebruik als/in een product tot afvalfase en bij voorkeur opnieuw verwerking tot/in nieuwe producten.
Deze benadering vraagt veel meer overleg tussen alle betrokkenen en is dus aanzienlijk complexer. De potentiële milieuwinsten door een rationeler materialenbeleid zijn echter ook hoger.

De OVAM heeft dit materialenbeleid voor de bouwsector vertaald in 5 projecten.
Bij het webthema milieuverantwoord materiaalgebruik in de bouw vindt u hierover meer informatie.