Een integrale kijk op de materiaalketen is onontbeerlijk om een blijvende oplossing te vinden voor het afvalvraagstuk. Het afvalbeheer grijpt grotendeels in op het einde van de keten, wanneer het materiaal afval geworden is. Het is echter veel logischer en vollediger om de materiaalketen als één geheel te beschouwen, we zeggen ook wel 'van wieg tot graf' of zelfs van 'wieg tot wieg'. Het huidige afvalbeheer mag dus niet op zichzelf blijven bestaan, maar moet haar blik verruimen naar het duurzaam materialenbeheer.
Materialenbeheer is vooral aangekondigd als 'die nieuwe bevoegdheid van de OVAM.' Duurzaam materialenbeheer is echter veel meer dan dat: het is een evolutie die wereldwijd aan de gang is, een absolute voorwaarde voor een duurzame ontwikkeling van onze maatschappij.
Materialen vormen momenteel de ruggengraat van onze economie; ze zijn de dragers van onze productie- en consumptiepatronen. Het is reeds voldoende aangetoond dat we die patronen drastisch moeten veranderen willen we de aarde leefbaar houden. Dan kunnen we dus niet aan de materialen voorbij. Het materialenbeheer moet verduurzamen. Concreet gezegd: de milieudruk als gevolg van materialenverbruik- en gebruik moet omlaag, en liefst snel. De gevolgen van de steeds zwaardere belasting van ons leefmilieu, worden elke dag duidelijker.
Het besef dringt ook steeds dieper door dat Vlaanderen gevaarlijk afhankelijk is van steeds schaarser en dus duurder wordende grondstoffen. Een noodzakelijke maatschappelijke ommezwaai of 'transitie' dringt zich dus op, een ommezwaai die in het materiaalintensieve Vlaanderen ook tal van interessante opportuniteiten biedt.
Het wordt een uitdaging dit te doen in een tijd van toenemende welvaart, in een tijd waarin de economie groeit en de productie en de consumptie verder stijgen. En vanzelfsprekend mag die ommezwaai niet egoïstisch gebeuren door de milieudruk te 'exporteren'. Ook de situatie in het zuiden moet aandacht krijgen.