landschap

De Lijn

Sinds enkele jaren worden de bodemdossiers van de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn gebundeld als een 'keten', die voornamelijk door één dossierhouder worden behandeld. Er wordt regelmatig overleg gepleegd over de planning en de praktische uitvoering van bodemonderzoeken en -saneringen.

Om de gemaakte afspraken officieel te bekrachtigen werd op 1 december 2008 een overeenkomst getekend tussen de OVAM en De Lijn.
Zij stippelt de planning uit voor het bodemonderzoek en de sanering van een 60-tal Vlaamse stelplaatsen en onderhoudsplaatsen in eigendom van De Lijn voor een periode van maximaal 10 jaar. Het totale of jaarlijks budget dat aan deze onderzoeken zal worden uitgegeven, werd niet vastgelegd.

Voorgeschiedenis

De Lijn beschikt over verscheidene stel- en onderhoudsplaatsen verspreid over heel Vlaanderen. De Lijn onderneemt al geruime tijd heel wat acties om het milieu te sparen. Zij wil ook toekomstgericht het milieubeleid verder uitbouwen en vanuit dat standpunt wenste zij een oplossing voor terreinen met verontreinigingen die ontstaan zijn in het verleden. In de periode 2000-2001 was de Lijn reeds gestart met het uitvoeren van heel wat oriënterende bodemonderzoeken. Hieruit bleek dat op heel wat terreinen verder onderzoek nodig was. Alle terreinen samen aanpakken was zowel organisatorisch als financiëel niet haalbaar. De stelplaatsen dienen in vele gevallen immers continu open te blijven. Een bedrijfsspecifieke overeenkomst bood dan ook een oplossing voor dit probleem.

Duidelijke prioriteitsstelling

De beschrijvende bodemonderzoeken en bodemsaneringen zullen worden uitgevoerd volgens een prioriteitsstelling die wordt vastgelegd op basis van:

  • de milieutechnische urgentie die blijkt uit het beschrijvend bodemonderzoek en
  • de herinrichtingswerkzaamheden van de stelplaatsen.