Toepassingsgebied aanvaardingsplicht afgedankte EEA

De afvalstoffenwetgeving (artikel 1.2.1§2, 23° van het VLAREMA) beschouwt volgende apparaten als elektrische en elektronische apparatuur (EEA):

“Apparaten die om naar behoren te werken afhankelijk zijn van elektrische stromen of elektromagnetische velden en apparaten voor het opwekken, overbrengen en meten van die stromen en velden, die bedoeld zijn voor gebruik met een spanning van maximaal 1000 volt bij wisselstroom en 1500 volt bij gelijkstroom en die onderworpen zijn aan de aanvaardingsplicht, vermeld in artikel 3.4.4.1”.

De volgende apparaten vallen niet onder deze definitie:

1° de apparatuur die noodzakelijk is voor de bescherming van de wezenlijke belangen van de veiligheid van lidstaten, met inbegrip van wapens, munitie en oorlogsmateriaal voor specifiek militaire doeleinden;

2° de apparatuur die specifiek is ontworpen en geïnstalleerd om deel uit te maken van andere apparatuur die is uitgesloten van de aanvaardingsplicht of niet onder het toepassingsgebied van de aanvaardingplicht valt, en die haar functie alleen kan vervullen als ze deel uitmaakt van die laatst vermelde apparatuur;

3° de gloeilampen.

Elektrische en elektronische apparatuur worden momenteel ingedeeld in 10 categorieën:

  1. Grote huishoudelijke apparaten

  2. Kleine huishoudelijke apparaten

  3. IT- en telecommunicatie apparaten

  4. Consumentenapparaten (inclusief zonnepanelen)

  5. Verlichtingsapparaten

  6. Elektrisch en elektronisch gereedschap

  7. Speelgoed, apparaten voor sport en ontspanning

  8. Medische hulpmiddelen

  9. Meet- en controle-instrumenten

  10. Automaten

Vanaf 15 augustus 2018 geldt de aanvaardingsplicht ook voor alle EEA die niet in de vorige 10 categoriën in te delen zijn. Vanaf dan gelden volgende 6 categoriën:

  1. Warmte- of koude-uitwisselende apparatuur
  2. Schermen, monitors en apparatuur met schermen die een oppervlakte hebben van meer dan 100cm2
  3. Lampen, inclusief LED-lampen
  4. Grote apparatuur met een buitenafmeting van meer dan 50 cm
  5. Kleine apparatuur met een buitenafmeting van ten hoogste 50 cm
  6. Kleine IT- en communicatieapparatuur met een buitenafmeting van ten hoogste 50 cm

Volgende apparaten zijn vanaf 15 augustus 2018 ook uitgezonderd:

  1. Apparatuur ontworpen om de ruimte ingestuurd te worden
  2. Grote, niet-verplaatsbare werktuigen
  3. Grote, vaste installaties met uitzondering van apparatuur die zich in zulke apparatuur bevindt, maar die niet specifiek is ontworpen en geïnstalleerd is als onderdeel van zulke installaties
  4. Vervoersmiddelen voor personen of goederen, uitgezonderd elektrische voertuigen op twee wielen waarvoor geen type goedkeuring is verleend
  5. Niet voor de weg bestemde mobiele machines die uitsluitend voor beroepsmatig gebruik ter beschikking zijn gesteld
  6. Apparatuur die speciaal is ontworpen en uitsluitend dient voor doeleinden van onderzoek en ontwikkeling en die alleen door een bedrijf aan een ander bedrijf ter beschikking wordt gesteld
  7. Medische hulpmiddelen en medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, als die hulpmiddelen naar verwachting voor het einde van hun levensduur infectueus zijn en niet gedesinfecteerd kunnen worden, en actieve implanteerbare hulpmiddelen

Voor meer duidelijkheid aangaande de juiste indeling in categoriën, of wanneer de apparaten uitgezonderd zijn van de aanvaardingsplicht, verwijzen we naar de guidance papers op https://www.ewrn.org/