Molse Nete

De Molse Nete is een onbevaarbare waterloop die ontspringt in Lommel en die uitmondt in de Grote Nete ten zuiden van Geel. In 2012 is er in opdracht van de OVAM een waterbodemonderzoek uitgevoerd ter hoogte van het 2e en 3e categorie-gedeelte van deze waterloop. Het 1e categorie-gedeelte dient nog onderzocht te worden, gelet op de mogelijke impact vanuit de Scheppelijke Nete en het lozingspunt van Belgoprocess.
 
Het deel van 3e categorie wordt beheerd door de gemeente Lommel en het deel van 2e categorie door de provincie Antwerpen.

De Molse Nete 2e categorie begint aan de provinciegrens Limburg-Antwerpen en eindigt bij de samenvloeiing van de Molse Nete met de Scheppelijke Nete ter hoogte van de straat Bresserdijk in Mol. Dit deel loopt over het grondgebied van de gemeente Balen (provincie Antwerpen) en deels ook van de gemeente Mol.

De Molse Nete loopt onder 2 kanalen door, namelijk het Kanaal naar Beverlo en het Kanaal Dessel-Kwaadmechelen. De passage onder de kanalen gebeurt via duikers.

De diepte van de Molse Nete over het onderzoekstraject varieert van 0,1 tot 1,1m vanaf het wateroppervlak.

De breedte van de waterloop situeert zich tussen 0,7 en 5m.

Het onderzoekstraject bedroeg ongeveer 14,89km (waarvan 1,04km droogstaand) lang. Het verval over het traject is dus circa 25m (1,7m/km).

Doel van het onderzoek
De Molse Nete 3e categorie is duidelijk door menselijk ingrijpen rechtgetrokken.

Hier treft men ook regelmatig oeverwallen aan. Deze oeverwallen zijn zeer waarschijnlijk veroorzaakt door bagger- en ruimingswerken waarbij het slib op de oevers geplaatst werd. 

Uit mondelinge informatie van de gemeente Lommel blijkt dat de Molse Nete 3e categorie de laatste 6 jaar niet meer geruimd is.

Vroeger werd het ruimingsslib standaard op de oever gelegd. Momenteel worden de oevers enkel regelmatig gemaaid.

De eerste 4,5km van de Molse Nete 2de categorie loopt door woonwijken en is duidelijk rechtgetrokken. Er zijn hier ook talloze bruggetjes aangelegd over de rivier. Er zijn sporen van oeverwallen op dit deel van het traject. In de recente woonwijken is het niet uit te sluiten dat voormalige oeverwallen genivelleerd, en dus uitgespreid, zijn op het niveau van de tuin.

Het laatste deel van de Molse Nete 2e categorie meandert sterk. Het loopt door bosrijk en moerassig gebied. Hier zijn weinig indicaties van oeverwallen. Uit informatie verkregen van de provincie Antwerpen blijkt dat de baggerpraktijken in het verleden de volgende waren tot begin jaren ‘90: de rivieren werden één à tweejaarlijks geruimd, de baggerspecie met oeverbegroeiing werd op de oevers achter gelaten.

Omwille van haar natuurwaarde wordt de Molse Nete 2e categorie momenteel niet meer geruimd.
 
Aanleiding voor het onderzoek
Het onderzochte gedeelte van de Molse Nete is voornamelijk verontreinigd met zware metalen.

●    Deze verontreiniging is zeer waarschijnlijk veroorzaakt door lozingen van onder andere Emgo-Philips, de PRB-site en Umicore (voormalige Union Minière en daarvoor nog Vieille Montagne).

●    De regio is ook gekend omwille van het gebruik van zinkassen voor het aanleggen van wegen en opritten van woningen. Zo is het paadje op de grens Lommel-Balen langs de Molse Nete verhard met zinkassen.

●    Bovendien zijn er stortplaatsen van de glasindustrie aanwezig.
 
Tijdens het waterbodemonderzoek ter hoogte van het 2e en 3e categorie-deel van de Molse Nete, werd er uitgebreid historisch onderzoek uitgevoerd. Hierin werd alle relevante info over de waterloop, zoals (voormalige) lozingspunten, reeds bekende verontreinigingen, menselijke ingrepen en aanwezigheid van industrie geïnventariseerd.

Wat is de stand van zaken?
Dit waterbodemonderzoek leidde tot voorwaardelijke en niet volledige conclusies voor het traject Molse Nete 3de en 2de categorie, aangezien er nog bijkomende onderzoeksverrichtingen noodzakelijk zijn.