Richtlijnen voor PFAS onderzoek - Update

  • 10 maart 2021

De ‘Richtlijn PFAS-onderzoek’ en Toetsingswaarden voor PFAS in bodem en grondwaterzijn aangepast. Een nieuwe richtwaarde of waarde voor vrij gebruik van bodem werd afgeleid, rekening houdend met de streefwaarden of achtergrondconcentraties van PFAS in bodem.

Dit bericht vervangt de berichten van 18 juni 2020 en 10 september 2020

Wanneer PFAS onderzoeken?

Moet u een technisch verslag opmaken of een oriënterend bodemonderzoek uitvoeren? Ga dan na of PFAS als verdachte stof moet worden onderzocht. De ‘Richtlijn PFAS-onderzoek’ beschrijft wanneer dat het geval is: bijvoorbeeld wanneer u een terrein onderzoekt waar een PFAS-producerende of PFAS-verwerkende industrie is of was gevestigd, of waar brandblusschuim werd toegepast.

Momenteel zijn (nog) niet alle activiteiten vermeld in de ‘Richtlijn PFAS-onderzoek’, opgenomen in de VLAREBO-lijst van risico-inrichtingen. Voorlopig blijft dit zo. Voor de activiteiten die niet in de VLAREBO-lijst staan, is dus geen oriënterend bodemonderzoek nodig bij overdracht of in kader van periodiciteit.

Toetsing PFAS-gehalten

PFAS-gehaltes gemeten in de bodem in kader van een technisch verslag worden getoetst aan de voorlopige waarden vermeld in de Richtlijn PFAS-onderzoek. Voor PFAS-gehaltes gemeten bij een ander bodemonderzoek, zoals een oriënterend bodemonderzoek, kan u de voorlopige toetsingswaarden of voorgestelde bodemsaneringsnormen gebruiken. De voorlopige toetsingswaarden vindt u hier:

Toetsingswaarden voor PFOS en PFOA in bodem en grondwater.

De nieuwe toetsingswaarden dienen te worden toegepast vanaf 1 april 2021.

Aanpassingen mogelijk

Het wetenschappelijk onderzoek over PFAS is nog volop in evolutie. Zowel de richtlijn als de toetsingswaarden zullen in de toekomst nog worden aangevuld en bijgesteld.